P. Krishna, Vragen en Antwoorden, 23 mei 2003
T 572 Q +A
Vraag:
U zegt dat het menselijk bewustzijn geen evolutie heeft doorgemaakt.
Hoe komt het dan dat we vandaag de dag geen slavernij hebben?
P.K.: Ik denk dat er verandering is geweest in de manier waarop de wanorde in het denken zich manifesteert in de buitenwereld. Maar er heeft geen werkelijke, diepe verandering in het menselijk bewustzijn plaatsgevonden. Dus zien we dat de vorm van slavernij die er in de middeleeuwen was, nu niet meer bestaat, maar er is nog steeds overheersing. Die grove vorm van overheersing zie je niet meer. Werkelijke invallen van het éne land in het andere en kolonisatie is beëindigd, maar economische exploitatie bestaat nog steeds. Dat is wat ik bedoel als ik zeg dat de uiterlijke vorm van de wanorde iets veranderd is, beter geworden is, maar van binnen lijkt de toestand van bewustzijn niet veranderd. En de diepere vraag is natuurlijk: waarom is dat zo? Het enige dat nodig is om een ego te vormen is geheugen, fantasie en het instinct om dat wat plezierig is te volgen en pijn te vermijden. Dit hebben alle mensen gemeen. Deze eigenschappen hadden de mensen 2000 jaar geleden en hebben wij nu nog steeds. Planten en dieren hebben deze vermogens niet in de mate waarop wij ze hebben en daarom kunnen ze niet egoïstisch zijn. Ze reageren alleen volgens hun instinct, dat door de natuur zo geregeld is, en ze worden door hun instinct en andere eigenschappen beperkt. Neem bijvoorbeeld de seksualiteit. Seksualiteit is er in planten, seksualiteit is er in dieren en seksualiteit is er in de mens. Die is tot ons gekomen door de evolutie. Maar wanneer deze verbonden wordt aan onze fantasie en ons denken, verandert het in lust, pornografie, verkrachting en allerlei andere vormen die je niet bij andere soorten vindt. Dus moeten we leren wat het juiste gebruik van deze vermogens is, die we door evolutie verkregen hebben, en daar is zelfkennis voor nodig. Wat is het juiste gebruik en wat is onjuist gebruik van deze vermogens? De vermogens zelf zijn niet verkeerd, maar wanneer ze verkeerd gebruikt worden, ontstaat het kwaad.
Daarom heb ik vanochtend gezegd dat zelfkennis voor iedereen nodig is; want als je dat niet hebt zul je een ego, een ik, creëren en dan ontstaat uit dat ego al het geweld, de hebzucht, het egoïsme en dergelijke. Hoe het zich manifesteert is iets anders, dat is een oppervlakkig, cultureel verhaal. Maar we zijn niet volledig gevangen in dit proces en we hebben het vermogen ons ervan te verlossen. Alleen hebben we geen aandacht besteedt aan dit leren. En natuurlijk is dit leren iets heel persoonlijks, en erg individueel, je kunt dit niet van iemand anders leren. Bij het wetenschappelijke leren breidt kennis zich voortdurend uit, omdat het overgedragen en snel geleerd kan worden en je erop voort kunt bouwen. Maar Boeddha’s zoon ontvangt helemaal niets van zijn vader de Boeddha. Hij moet opnieuw leren de waarheid voor zichzelf te zien. Het nodig is dat we een atmosfeer creëren waarin het voor iedereen mogelijk is te leren en zelfkennis te ontwikkelen. Maar dat soort onderzoek hebben we niet bevorderd, we hebben geloof en identiteit en trots in de eigen cultuur en in het eigen geloof ontwikkeld, en die ideeën verdelen ons. Dat is de reden waarom het meeste geweld en het strijden voor religie is ontstaan, terwijl de ware betekenis van ‘religie’ is: dat wat ons verbindt, verenigd. Dus hebben we religie verkeerd begrepen. Daarom denk ik, dat er in het onderwijs naar gekeken moet worden.
Vraag: Waarom ben ik zo bang voor de leegte in mijzelf?
P.K.: Is het omdat wij ons beter voelen bij het bekende? We voelen ons zeker in een bekende omgeving, met bekende mensen. Er is angst om het onbekende onder ogen te zien. Ik denk dat er zoiets gebeurd als we de waarheid ontdekken, want de waarheid is het onbekende, terwijl de illusie het bekende is. We hebben geïnvesteerd in de illusie en die geeft ons een gevoel van zekerheid en een doel en we zijn bang die te verliezen. Dit kan begrepen worden door te kijken hoe het in jezelf te werk gaat. Het is geen waarheid die onvermijdelijk is, zoals de zwaartekracht, die hoe dan ook zijn uitwerking heeft. Zet hier een steen neer en de zwaartekracht zal er op werken. Maar dit egoproces kan begrepen en verwijderd worden, omdat in ons de mogelijkheid is het te begrijpen en er aan voorbij te gaan. Wij zitten niet volledig in het verleden en in onze conditioneringen gevangen.
Dat is de reden dat de hele vraag van wat moreel is en wat immoreel, wat juist is en wat verkeerd, alleen in de mens voorkomt. Als je zegt dat mijn handelingen en mijn keuzes volledig bepaald zijn door mijn instincten en door mijn verleden, dan ben ik niet verantwoordelijk voor wat ik doe. Maar dat accepteren we niet, omdat we vinden dat een mens niet in die mate in zijn verleden en zijn omstandigheden vast zit als een dier. Als een hond blaft, dan is er niets anders dat hij kan doen dan blaffen. Maar een mens kiest ervoor om te blaffen. De biologen verklaren het geweld van de mens uiteraard in termen van wat we mee genomen hebben in onze evolutie van de dieren. Als je die verklaring aanvaardt is er geen enkele mogelijkheid om niet gewelddadig te zijn. Dus terwijl de verklaring van de wetenschapper en de bioloog over het geweld in de mens waar zijn, is het niet waar dat we er helemaal in vast zitten. Het is voor ons mogelijk om door inzicht daar aan te ontkomen. En dat is de religieuze zoektocht. Dat is de reden dat zelfkennis essentieel is, noodzakelijker dan kennis van de wereld. Socrates heeft gezegd dat zelfkennis de enige kennis is. Hij weigerde te accepteren dat andere vormen van kennis als kennis gezien werd; hij zag alle andere kennis als informatie. De Boeddha zei dat kennis van de wereld lagere kennis is, avidya, terwijl werkelijke kennis zelfkennis is. Dus, 2000 jaar geleden, toen deze mensen er waren, stelden zij zich ten doel het zelf te begrijpen en wijsheid te cultiveren. Maar toen zijn we een tijdperk van kennis in gegaan. Kennis is ontzaggelijk gegroeid. Kennis over kunst, wetenschappelijke kennis, literaire kennis enzovoorts. En nu gaan we voorbij kennis naar het tijdperk van de informatietechnologie. Nu heeft niemand de tijd om te schrijven zoals Shakespeare of liefdesbrieven zoals Robert Browning, je stuurt je boodschappen per e-mail.
De Engelse dichter Eliot drukte dit uit in een gedicht:
Waar is de wijsheid die we in onze kennis verloren hebben?
Waar is de kennis die we in onze informatie verloren hebben?
Na 2000 jaar, de raden van het lot
Draaien ons weg van God en in het stof.
De zorg van de mensheid heeft zich verplaatst van wijsheid naar kennis en van kennis naar informatie.
Vraag: is instinct een vorm van fysieke conditionering?
P.K.: Ik zou zeggen dat instinct biologische conditionering is. Maar vrijheid van conditionering betekent niet het einde van conditionering. Het betekent een juiste relatie met conditionering te hebben. Seksualiteit is er in dieren, maar die maken niet het soort problemen die wij ervan maken. We moeten leren van de dieren! Wanneer je het de juiste plek geeft, ontstaat er geen probleem. Maar we hebben die juiste plaats niet ontdekt, we exploiteren het om er allerlei doelen die we zelf gecreëerd hebben mee te bereiken.
Vraag: Veel dieren vechten voor hun voedsel. Is het mogelijk dat mensen, die een zelfde instinct hebben, dit geweld te boven kunnen komen?
P.K.: We zijn veel immoreler dan het dier, want wij vechten om ideeën, terwijl dieren alleen om voedsel vechten. Als jij ook alleen vecht om te eten, dan ben je gelijk aan hen! Geweld is belangrijk voor de mens, veel belangrijker dan voor dieren. Wij denken dat we boven de dieren staan, maar het is niet mogelijk dat objectief te bewijzen. We zijn superieur in de zin dat we meer vermogen hebben om plannen te maken, te onthouden enz. maar we hebben deze vermogens niet gebruikt om aardiger en meer beschermend te zijn. We hebben deze vermogens gebruikt om te vernietigen en gewelddadiger te zijn, dus staan we niet boven het dier. We hebben meer vermogens, maar we zijn niet superieur.
Vraag: Is er een punt in onze ontwikkeling als mensen waar we deze biologische conditionering kunnen overwinnen?
P.K.: We kunnen het overwinnen niet door het te bevechten en ervan te winnen, maar wel door onze relatie ermee te begrijpen en er dus zo vrij mogelijk van te zijn.
Vraag: Zou men om die reden zijn instincten moeten onderdrukken of onderzoeken, op het moment dat je ze nog hebt?
P.K.: Als je direct resultaat wilt, zoals vrij zijn van seksualiteit, dan zal het er op neer komen dat je er mee gaat vechten, het onderdrukken en vervormen. Sommige religieuze mensen hebben dat geprobeerd. Ze hebben geprobeerd geloften af te leggen en zichzelf ervan te verhinderen seksueel actief te zijn. Daaruit ontstaat vervorming, ze branden van binnen. Seksualiteit en instinct zijn natuurlijk en we moeten de natuur respecteren omdat het bestaat. Maar we moeten begrijpen wat onze relatie met dat instinct is. Ik zal een voorbeeld geven: Je komt iemand van het andere geslacht tegen en er ontstaat een seksuele respons in je lichaam en gedachten – een seksueel verlangen komt op. Het is als elk ander verlangen. Waar komt de eis vandaan dat mijn verlangen vervuld moet worden? Als ik bereid ben te moorden, gewelddadig te zijn, als ik bereid ben een ander ertoe te dwingen mijn verlangens te vervullen, dan ontstaat er een probleem. Waar komt die eis vandaan? Die eis is het ego. Het verlangen en de seksualiteit zijn niet het ego. Als ik ernaar kijk, en als het vervuld kan worden zonder geweld, dan kan ik ernaar handelen. Als het niet vervuld kan worden, laat ik het los. Dan ben je vrij! Dus kijk of je om kunt gaan met je verlangens zoals je met je wensen om gaat. Wensen zijn onschuldige dingen, er is geen verslaving aan hun vervulling. Feitelijk is niets slecht, tot je het ego ermee verbindt. Het huis creëert geen gehechtheid. Ik ben zelf gehecht geraakt aan het huis. Mijn vrouw creëert geen gehechtheid, Ik hecht aan mijn vrouw. Neem welke deugd dan ook, voeg het ego eraan toe en het zal een zonde worden. Neem nederigheid, voeg het ego eraan toe en het zal verworden tot je klein voelen, minderwaardig. Neem liefde en voeg het ego eraan toe en ik wordt bezittelijk, gehecht en jaloers en al die dingen. Neem seksualiteit en voeg het ego eraan toe en je krijgt lust, verkrachting en zo voort. Dus het probleem zit hem niet in het uiterlijke ding, het probleem zit hem in het ego. Onderzoek of het mogelijk is met alles om te gaan zonder het ego er in te brengen. Het ego is een bedelaar. Het wil altijd iets voor zichzelf. Hou ermee op te bedelen en wordt een vriend. Dat is alles wat je moet leren. Er is niets mis met de natuur, er is niets mis met de wereld. Maar ik creëer het ego, en dan gaat alles mis. Dat is het enige probleem. Weet je, Bin Laden is niet de vijand van Bush. Het ego van Bush is de vijand van Bush. En Bush is niet de vijand van Bin Laden. Het ego van Bin Laden is de vijand van Bin Laden. Dus als die beide mensen dat begrepen, zouden ze vrienden worden en de gezamenlijke vijand bevechten: het ego! Mijn vijandschap voor jou is gebaseerd op illusie. We hebben een gezamenlijke vijand. Dit is niet alleen van toepassing op Bush en Bin Laden, het is van toepassing op ons allemaal als we vijandig tegen elkaar zijn.
Dat is de reden dat onwetendheid de oorzaak van verdriet is, maar ik denk dat jij mijn verdriet veroorzaakt, dat de omstandigheden het verdriet veroorzaken. Onwetendheid is niet een gebrek aan kennis, onwetendheid is illusie. We nemen iets voor waar aan dat niet waar is. Of we maken iets belangrijk wat niet belangrijk is, dat is ook illusie. En omdat wanorde voortkomt uit illusie, kan het worden beëindigd. Er is alleen wanorde in het menselijk bewustzijn, er is geen wanorde in de natuur. Zelfs stormen, wervelstromen en aardbevingen zijn geen wanorde, er zit geen ego in want er is geen enkele bedoeling jou te vernietigen. Ze volgen alleen maar de wetten van de natuur. Het dier volgt alleen maar zijn instinct, de orde van de natuur. En die orde is ook in jou lichaam. Ik doe niets om er voor te zorgen dat mijn lichaam werkt. Het werkt vanzelf. Maar we hebben niet geleerd hoe we moeten functioneren met een ordelijk bewustzijn. Dat te leren is de religieuze zoektocht.
Lang geleden wees Socrates erop dat er maar één deugd is, en dat is een ordelijk bewustzijn. Alle deugden zijn enkel takken die uit die wortel komen. We respecteren de wijzen, maar we hebben niet onderzocht wat ze bedoelen.
Vraag: Is het mogelijk, in een maatschappij als de onze, waarin we allemaal zo geconditioneerd zijn, onze kinderen op te voeden zonder hen te conditioneren?
P.K.: Ik denk dat alle mensen geconditioneerd zijn. Je kunt conditionering niet vermijden, want het is alleen maar herinnering. Herinnering functioneert onwillekeurig. Ik kan me bewust zijn van mijn conditioneringen en ik hoef het niet heel belangrijk te vinden. Conditionering is het verleden. Ik ben het resultaat van het verleden. Het biologische verleden van miljoenen jaren, het culturele verleden van een paar duizend jaar en het psychologische verleden vanaf mijn geboorte tot nu. Dat is allemaal opgeslagen in mijn geheugen. Ik kan het niet uitwissen. Het is iets dat bestaat. Maar ik kan er over leren, omdat daaruit mijn gedachten en gevoelens ontstaan en ik kan observeren hoe die in mijn bewustzijn werken. Ze komen naar voren in relaties en daarom kan ik kijken wat er gebeurt en over mijn conditionering leren, zonder er partij voor te kiezen, zonder het een schande te noemen en zonder er aan gehecht te raken. We hoeven niet al onze conditioneringen los te laten. We moeten dat los laten wat onecht is en wat wanorde en problemen in ons leven creëert. Als het dat niet doet is het als onze huidskleur, je hoeft er niets aan te veranderen, het hoort bij jou. Maar als je gaat zeggen dat het de mooiste huid in de wereld is, creëer je een probleem! Er is zoiets als je eigen persoonlijkheid. Dat moeten we ook respecteren. Dat hoort ook bij ons. Er is geen reden om met deze jongen (hij bedoelt zichzelf) te vechten. Er is ook niets fantastisch aan deze jongen, hij is gewoon een van vele jongens die in deze wereld groeien en zich ontwikkelen! Het hele leven begint met een individuele cel met een programma en het ontwikkelt zich volgens dat programma en sterft. Dat is de werkelijkheid van de boom, dat is de werkelijkheid van jou en mij, het is de werkelijkheid van die hond om de hoek. Ik kan je verzekeren dat er over honderd jaar mensen in deze zaal naar lezingen zitten te luisteren. Maar terwijl we leven maken we er zo’n heisa van. Het leven is gewoon een gelegenheid om deze wereld te zien en over onszelf te leren, als je dat wilt. Leef gewoon als de boom, maar vecht niet! Een paar honderd jaar geleden is er een gedicht geschreven door een Indiase dichter. Hij zei:
O mens, leer van de bomen. Als iemand een tak van de boom afhaalt, slaat hij niet terug. Als iemand stenen naar hem gooit, geeft hij vruchten terug. Bomen nemen de hete zon op hun hoofd en geven schaduw aan de vermoeide reiziger. Ze geven de geur van hun bloemen zonder te vragen of je het verdient of niet. O mens, leer van de bomen! Als ze dicht op elkaar staan in het bos vechten ze niet met elkaar, ze passen zich aan en delen het zonlicht.
Dat is wat leven zonder ego zou zijn! We hebben grotere problemen dan bomen en dieren. De natuur heeft hun leven helemaal bepaald. Ons is keuze gegeven, maar we misbruiken die keuze!